Living in The Netherlands

Learning Dutch: Tegenstellingen (opposites)

makkelijk moeilijk
wel niet
ja nee
beginner gevorderde
rustig druk
dicht open
aan uit
vroeg laat
op neer
op onder
gisteren morgen
eergisteren overmorgen
mama papa
oma opa
broer zus
oom tante
zoon dochter
ziek gezond
haat liefde
altijd nooit
lachen huilen
kort lang
alles niets
plus min
aantrekken uittrekken
lief stout
water vuur
bewolkt onbewolkt
trouwen scheiden
zakken slagen
allochtoon autochtoon
binnenland buitenland
afvallen aankomen
vertrekken aankomen
volgend vorig
saai interessant
stijgen dalen
niemand iedereen
positief negatief
optimisme pessimisme
sluiten openen
voorkant achterkant
vriendelijk onvriendelijk
aardig onaardig
slecht goed
fout goed
uitdoen aandoen
uitkleden aankleden
waarschijnlijk onwaarschijnlijk
leugen waarheid


Home

Tourist attractions
Money matters
Learning Dutch
Living in The Netherlands
Inburgeringsexamen
Book section

Sitemap
Guestbook